Algemeen:
De belangrijkste soort van deze vliegen is Leptocera fontinalis Fall.
Soms kunnen ze in erg grote aantallen voorkomen. Kom je vertegenwoordigers van deze familie tegen in een stedelijke bebouwing dan is er iets niet in orde met de afvoer van de gootsteen of die van de toiletten.
Uiterlijk: Het zijn kleine bruine of zwarte vliegjes.
Leefwijze: De larven van de latrinevliegen leven in mesthopen, in gierkelders, in afvalwater en in rioleringen. Ook op zeer vochtige plaatsen waar de bodem verontreinigd is met rottend organisch materiaal zijn ze te vinden.